Om mijn conditie wat op de peil te houden, ga ik geregeld wandelen. Vandaag reed ik met de auto naar de Plas van Rotselaar, van waar ik een wandeling van 14,5 km had uitgestippeld met de app van wandelknooppunt.be.
Wat meteen wat tegenviel, waren de vele vliegtuigen die hun landing hadden ingezet over de gemeente Rotselaar. Wat verder zouden ze dan met nog meer geluidshinder dalen over Wakkerzeel, waar mijn broer woont. In de hoogte boven de Plas zag ik twee buizerds op de thermiek wieken. Ze maakten zich op de thermiek snel uit de voeten.
De wandeling was vooral op onverharde wegen en paden uitgestippeld. Door het gebrek aan neerslag deze zomer waren de paden in de bossen vooral droog. Op een bank langs een kabbelende beek die naar de watermolen van Rotselaar vloeide, at ik mijn boterhammetjes op.

De app stuurde me na enkele honderden meters langs een asfaltbaan het bos in. De ondergrond was er nog enigszins vochtig, maar zeker niet modderig. Op bepaalde stroken waren vlonderpaden aangelegd, wat er duidelijk op wees dat de bossen in de buurt van de Plas normaal gesproken wel geregeld onder water durven staan.
Toch waren er in het bos nog enkele vijvers niet helemaal opgedroogd. Een blauwe reiger verraste me en sloeg zo snel hij kon zijn vleugels uit. Ik was te laat om hem te fotograferen. Iets verder dan halverwege mijn wandeling herkende ik paden waarover ik al had gewandeld op de reünie van onze zesdejaarsklassen in die inmiddels lang vervlogen jaren van onze humaniora in Don Bosco Haacht.

Bij mijn wandeling zette ik er stevig de pas in. Met een snelheid van 5,5 tot 6 kilometer per uur was ik sneller dan gedacht terug aan de parking van de Plas. De vliegtuigen zorgden nog steeds voor geluidshinder. Maar in mijn gedachten dreven de herinneringen aan die reünie van mijn klasgenoten nog boven.