De Muts

Op 2 december 1985 stapte ik op de trein naar Marche-les-Dames. Die dag begon mijn militaire dienstplicht. Tegen de zin van mijn moeder had ik ervoor gekozen om paracommando te worden. Toen al was ik van plan daar ooit een boek over te schrijven. Wel, dat boek, mijn eerste roman, is klaar. Je kan het online en in de boekhandel verkrijgen.

Twee op de drie Belgen willen de dienstplicht opnieuw invoeren, kopte Het Laatste Nieuws op basis van een poll in het voorjaar van 2018. De Vlamingen waren met 58 procent voorstanders wat minder gretig dan de Franstaligen. En bij de jongeren, de leeftijdscategorie die het uniform opnieuw zou moeten aantrekken, was het enthousiasme beperkt tot 47 procent. De cijfers tonen aan dat de legerdienst die werd opgeschort in ’94, nog tot de verbeelding spreekt.

Zelf zwaaide ik af eind februari 1987. Met een carnavalsfuif in een parochiezaaltje in mijn dorp, vierde ik mijn afscheid van de wapenen. De vuistdikke classeur met nota’s, brieven en stencils over mijn leven bij de para’s bleef vervolgens bijna twintig jaar stof vergaren.

In juli 2009, enkele weken na de verkiezingen die een einde maakten aan mijn leven als woordvoerder van minister Marino Keulen, kon ik gedurende een dag of veertien beschikken over het huis van mijn zus. Ik trok erheen om wat zaken in mijn leven op een rijtje te zetten. In mijn reistas: die dikke map. Je wist maar nooit. Ik schreef dagen aan een stuk van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat de eerste gulp van De Muts.

Ik koos ervoor om van het boek een roman te proberen maken, gestoeld op mijn ervaringen en verhalen, maar met een fictief plot. De Muts werd een passionele hobby, een cocon om me in terug te trekken en te schrijven, schaven en schrappen. Telkens ik hoofdstukken veranderde, toevoegde of een nieuwe wending bedacht, sloeg ik het document op onder een nieuwe naam. Zo verzamelde ik 30 versies. Genoeg om het te publiceren, 31 jaar nadat ik afzwaaide.

Doorheen het jarenlange schrijfproces kon ik het, ongeduldig als ik ben, niet nalaten mijn manuscript al eens op te sturen naar een uitgever. Maar geen enkele uitgever stond te juichen bij wat ik hem voorschotelde. Van de meeste kreeg ik zelfs niet eens een antwoord. Maar sommige uitgeverijen, redacteurs of schrijvende ex-collega’s die me gunstig gezind waren, gaven me wel tips om mijn werk te verbeteren.

Ooit was er een redacteur die brood zag in een publicatie, op voorwaarde dat ik er een non-fictiewerk van zou willen maken. Maar dat wilde ik niet. Ik bleef prutsen, wijzigen, de structuur veranderen, schrappen en herschrijven. In de hoop mijn boek met elke aanpassing beter te maken.

Met de publicatie heb ik een streep getrokken onder De Muts. Ik ben intussen 55. Tijd voor een andere passionele hobby. Eerst gooide ik de eerste tien hoofdstukken van De Muts, met het verhaal van de eerste dag in het leger, op deze blog. In tien afleveringen, om de twee dagen één. Je hoeft ze niet meer te zoeken. Toen het boek een maand verschenen was, heb ik die terug verwijderd.

De Muts bevat in totaal ongeveer 80 hoofdstukjes en telt zo’n 350 bladzijden. Het boek kost 25,95 euro. Het is verkrijgbaar of bestelbaar in de boekhandel en online, bij bol.com en via de standaardboekhandel.be. Daar vind je ook wat meer info over het verhaal. Veel leesplezier ermee!

Advertenties