Kampvuur met Philippe

‘Spijtig’, zei Ramses, ‘er is geen foto bij van Philippe. We hebben er wel een paar gevonden waar jij op staat. Bij de jongverkenners en de verkenners.’ De vriend van mijn jongste dochter bracht me kopieën van foto’s uit de collectie van zijn ouders. Zijn pa was veertig jaar geleden mijn scoutsleider. Maar neen, merkte ik meteen, ze hadden zich vergist, op een bijzonder onduidelijke foto van enkele verkenners rond het kampvuur herkende ik toch Philippe.

Onlangs heeft mijn zus een herdenking georganiseerd. Familieleden en vrienden haalden herinneringen op aan mijn vandaag vijf jaar geleden overleden schoonbroer. Het was een aangrijpende maar deugddoende bijeenkomst. Geïllustreerd door honderden foto’s, geprojecteerd op een groot scherm. Maar geen enkele van toen Philippe en ik samen bij de verkenners waren.

En nu zag ik hem daar wel zitten, met zijn lange haar en een gezicht van ‘wie doet mij wat?’, tussen een piepjonge Swinnens en een blozende Krikke met zo’n malle vilten hoed op zijn kop. De foto is genomen op kamp in Vresse, aan de Semois. We waren zestien, dat weet ik omdat ik op die leeftijd voor het eerst een bril moest dragen.
Bij nader toezien hadden we allemaal veel langer haar dan vandaag bij jongens van zestien de mode is. De Fred en de Krikke hadden een deken om de schouders geslagen. Aan de Semois kan het laat op de avond ook in de zomer koud zijn. Het kampvuur geeft gelukkig voldoende warmte, maar niet op de rug. Er vindt een ernstig gesprek plaats, daar rond het vuur. We waren eerstejaars verkenners en we bespraken totemnamen. Philippe kreeg een mooie, Onstuimige Leeuw.

Het was een hete julidag geweest, herinner ik me. Joan was al terug op zijn slaapzak gaan liggen, in onze patrouilletent. Hij was erg verbrand door de zon en voelde zich misselijk. We hadden die dag een vlot gesjord en daarmee een stuk van de rivier afgevaren. De zon deed onverbiddelijk haar verwoestend werk. We voelden het niet. Niet op de eenzame stukken tussen de diepe beboste valleien met boven ons af en toe een over zeilende buizerd. Niet als we campings passeerden en de kinderen ons in het water toe joelden terwijl wij voorbij peddelden, met de stroming mee en ons lijf van jongens die man begonnen te worden bloot op onze zwembroek na.

Ik had gehoopt dat de ouders van Ramses de foto zouden hebben van het kamp in Wolfsdonk, een jaar later, toen we allemaal op een rijtje op de oever van een vijver stonden. We hadden gezwommen en ons van boven tot onder ingesmeerd met het donkere, haast zwarte zand op de oever. Iemand stelde voor dat we allemaal onze zwembroek zouden uittrekken om dan op één, twee drie de vijver in te springen. Dan zou alleen ons gat wit zijn. Zo gezegd, zo gedaan. Maar iemand van de leiding heeft toen van die rij witte konten op zwarte puberlijven een foto getrokken. De Swinnes vertelde later dat de leiders in september, toen ze het lidgeld voor het nieuwe scoutsjaar kwamen ophalen, die foto aan zijn ouders hadden laten zien. Uiteindelijk hebben we hem allemaal wel te zien gekregen, maar na bijna veertig jaar is het een raadsel waar hij vandaag gebleven is.

Vandaag is het vijf jaar geleden dat Philippe gestorven is. Over veertien dagen trouwt zijn tweede zoon. Vorig jaar is zijn oudste papa geworden. De oudste dochter snikte op de herdenking hoe kwaad en verdrietig ze nog altijd kan zijn omdat ze net háár papa hebben afgenomen. De jongste dochter, een mooie vrouw in de dop, veegde haar tranen uit haar ogen. Zij houdt zich al vijf jaar kranig als het verdriet van de grote mensen rond haar heen door merg en been gaat.

Wat hebben veel mensen treffend gesproken over wie Philippe voor hun was, toen hij nog leefde. Een trouwe vriend, iemand naar wie werd opgekeken, een voorbeeld als papa, een geëngageerde leider, een man die wist hoe hij de handen uit de mouwen moest steken. Een koppige rebel en betweter ook, vaak met het gelijk aan zijn zijde weliswaar. Een man die als eerste open stond voor technologische innovatie en nieuwe inzichten, maar ook principieel bij zijn gedacht kon blijven, tot het alles overrompelende einde sneller dan verwacht daar was. Als je na vijf jaar nog zo wordt gemist door zoveel mensen, blijf je leven, Philippe. Blijf je inspireren.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in familie, liefde, vriendschap. Bookmark de permalink .

2 reacties op Kampvuur met Philippe

  1. Anoniem zegt:

    Peter, het doet aan zoveel scoutsavonturen denken. Aan jongens van toen, aan mannen van vandaag die er niet meer zijn. Verleden week ook zo’n ‘jongen van toen’ begraven, een zestiger van vandaag.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s