Aubergine

Als ik van het station naar mijn werk wandel, hou ik ervan mijn gedachten mee te laten dwalen in de straten van een stad die zich klaarmaakt voor een nieuwe dag.

Aan wat denkt een man dan? Aan seks, hoor ik u denken. Neen, niet altijd. Hoewel. Toevallig las ik even mee in het dikke boek dat de vrouw met blote knieën naast me in de trein aan het lezen was. Ik las twee woorden die me terugwierpen naar een quote die ik bij mijn koffie thuis aan het ontbijt in de krant had gelezen: ‘het was verfrissend om een script te lezen waarin een meisje zegt dat ze voortdurend aan seks denkt.’ De quote ging over een film waarvan de naam me ontsnapt maar in een genre dat men tegenwoordig als “coming of age” omschrijft. De twee woorden in het boek van de vrouw luidden: ‘hevigere orgasmes’.

Maar ik dacht dus niet aan seks. Ik hoorde O Children van Nick Cave in mijn hoofdtelefoon en genoot. Ik zag een wachtende taxichauffeur aan het Novotel met zijn handen zijn grijze haar in de plooi leggen. Wat zou hij vannacht hebben meegemaakt? Ik liep achter een jongen met een jeans waar op de achterzijde boven de knieën twee witte dieren stonden afgebeeld. Ik tuurde en tuurde maar kon ze niet benoemen. Nu ik dit opschrijf herinner ik me alleen dat hun staarten omhoog krulden.

Ik zag een meisje stappen met een rugzakje. Ze had boven haar zwarte broek alleen een aubergineaubergine T-shirtje aan. Zonder trui of jas, in korte mouwen. Ik rilde plaatsvervangend. Zelf droeg ik ook iets auberginekleurig, een gilet. Daaronder een pioenrode T-shirt en een flanellen houthakkershemd. Daarboven een bruine wollen winterjas. Aubergine is misschien wel mijn lievelingskleur, dacht ik.

Op het Martelaarsplein duwde zwart als een aubergine de schim van een jonge vrouw een kinderwagen over de kasseien. Ineens herkende ik haar. Carolien! Een ex-collega. Ik was meteen blij haar terug te zien. Ze behoort nog tot de enkele honderden facebookvrienden met wie ik een virtueel leven deel. Ze was ook blij me nog eens in het echt te zien.

In de koets lag de vier maanden oude Victor in de vroege ochtend te genieten van zijn wandelingetje naar de crèche. Wat een flink mannetje al, complimenteerde ik zijn mama. ‘Je ziet er gelukkig uit’, zei ik. ‘Dat ben ik ook’, lachte ze. ‘Ik weet het’, zei ik. ‘Ik lees wat je op facebook post. En van jou weet ik dat het waar is.’

Dat is het mooie aan een aubergine. De plant uit de nachtschadefamilie stamt uit Myanmar en werd door de Moren in de middeleeuwen in Andalusië binnengebracht, zoals zoveel prachtige dingen. Op het eerste gezicht is hij zwart, zoals het leven. Tot je de moeite doet om langer te kijken. Dan glanst hij donkerpaars en nodigt uit om te genieten van het leven.

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Brussel, samenleving en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s