Maggie en Gwenny in Ons Tehuis Brabant

Ons Tehuis Brabant (OTB) is in Kampenhout en omgeving een begrip. Ik had de eer en het genoegen er als waarnemer in het zog van de liberale dames Maggie De Block en Gwenny De Vroe een bezoek te mogen brengen.

Als ik met Gwenny tien minuten te vroeg het vijf hectare grote domein van OTB oprijd, zit Maggie met de schuifdeur van haar monovolume wijd open druk te telefoneren. Niet over de verkiezingen maar over een of andere Amerikaanse van wie het toeristenvisum was verstreken en die nog wat langer wederrechtelijk in ons land wilde verblijven met het argument dat haar grootvader Europa toch mee had bevrijd.

De vriendelijke dame die ons ontvangt kust Gwenny hartelijk. Gwenny is een goede bekende in OTB, waar ze niet zo lang geleden als vrijwilliger in de zomermaanden stage heeft gelopen. De directeur en de voorzitter van de Raad van Bestuur zijn opgetogen de populairste politica van het land op bezoek te krijgen. Samen met enkele andere verantwoordelijken van de woonvoorziening met een dagcentrum voor mensen met een matige en ernstige mentale beperking brengen ze ons naar de ateliers.

In het crea-atelier zitten de kunstenaars met een geestelijke beperking ons enthousiast op te otb3tekeningwachten. Eentje kraait van plezier in zijn rolstoel. Het is echt die Maggie die ze kennen van op televisie! Allemaal willen ze de bezoekers de hand schudden. Fier zitten ze klaar aan hun schilder- of tekenwerk in felle kleuren en heftige vormen. Een van de bewoners haalt een met grote letters beschreven papier uit zijn zak. Hij leest een tekst voor waarin hij Maggie’s steun vraagt voor zijn deelname aan het kampioenschap bowling op de paralympics.

Een medewerker fluistert me in het oor dat een van de schilders al eens tentoongesteld heeft in de VUB. Terwijl de sportman zich door zijn toespraak worstelt, zie ik Gwenny een traantje wegpinken. Ook Maggie geeft de indruk even terug te deinzen voor het warme vuur waarmee deze grote mensen met een kindse geest hun voorname publiek verwelkomen.

Terwijl we ons van de kunstenaars naar de tuin begeven, kruist een patiënte van middelbare leeftijd die een karretje met handdoeken voortduwt ons pad. Zonder acht te slaan op de populairste politica van het land, strekt ze haar armen uit om de lange blonde Gwenny te omhelzen. De vrouw herinnert zich de politica nog van toen deze in OTB stage deed.

Het houtatelier gonst van de bedrijvigheid van zodra de bezoekers er een voet binnen zetten. Een man maakt met schuurpapier de poten van een zelfgemaakte stoel glad. Een andere otb2begint geconcentreerd en met verwoede bewegingen een plank door te zagen. Nog een houtbewerker klopt nageltjes in latten die een vlechtwerk op zijn plaats houden dat deel uitmaakt van een constructie die op een rek lijkt.

Breed lachend vertelt een van de patiënten dat hij van geschiedenis houdt. Hij gaat soms helpen bij opgravingen op een archeologische site, verduidelijkt een OTB-verantwoordelijke later, waar hij schedels met een penseel proper veegt. De amateur-historicus geeft ons een demonstratie met de houtboor. Als we het houtatelier verlaten zegt een opvoeder aan de nog altijd verwoed zagende man dat hij wat mag uitrusten.

De vreugde van al deze mensen met een mentale beperking daalt op de bezoekers neer als een zegen die iedereen gelukkig maakt. De gasten zien de opvoeders genieten van hun werk: ze geven deze mensen met een beperking erkenning, ze laten hen zich gewaardeerd en geliefd voelen, ze laten hen stralen zoals de zon het die regenachtige dag maar niet kan.

In een vergaderzaaltje waar een drankje en een versnapering klaarstaat, voeren de twee vrouwen met de vier mannen een ernstig gesprek. Bijgetreden door zijn naaste medewerkers geeft de directeur een powerpoint-presentatie over OTB, over het nieuwe kaderdecreet dat pas gestemd is maar waaraan geen budget werd verbonden en waarover nog vele vragen en zorgen leven in de hele welzijnssector en bij al wie er als personeelslid, familielid, klant of gebruiker bij betrokken is.

De directeur en zijn medewerkers vertellen een geëngageerd verhaal over de nood aan flexibiliteit en regelluwte, over meer vrijheid voor privaat initiatief en diversificatie en overotbmaggiegwenny samenwerking tussen de woon- en de zorgvoorziening. Op een fluogeel post-it-boekje dat kleiner is dan haar mollige hand noteert Maggie driftig de steekwoorden die haar treffen. De huisarts die een dag eerder het liberale Zorgplan heeft gepresenteerd, formuleert rake opmerkingen en stelt vragen die haar gesprekspartners duidelijk maken dat ze niet alleen met kennis van sociale zaken maar ook met inlevingsvermogen voor eenieders welzijn spreekt.

Uiteindelijk stopt ze het post-it-boekje in haar handtas en schuift ze met een geroutineerd gebaar haar gsm, die niet één keer het gesprek heeft gestoord, in haar decolleté. Het sein dat het bezoek ten einde loopt. Als de twee liberale vrouwen het pad naar de parking oplopen, domineert één conclusie: met dat liberale zorgplan raakt Open Vld de goede snaar.

Ik stap in de auto van een vergulde Gwenny. ‘Oei’, zegt ze, ‘ik ben vergeten te vragen of Maggie geen zin had om een klein hapje te gaan eten.’ Via de handsfree hoor ik enkele seconden later de staatssecretaris door de luidspreker galmen: ‘nee, nee, geen erg Gwenny, ik moet terug naar Brussel, ze wachten daar al op mij om het kopstukkendebat voor te bereiden.’

Gwenny en ik reppen ons naar de markt van Haacht. Uit donkere wolken valt de regen. Maar in ons hart schijnen vele zonnen.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Gwenny De Vroe, politiek, samenleving en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s